Persoonlijkheidsdimensies

Hieronder ziet u een tabel met de 34 verschillende persoonlijkheidsdimensies van The Bridge Personality, ingedeeld volgens de vier categorieën besturen, uitvoer, output en mentaal. Binnen iedere categorie zijn er weer drie subcategorieën, waarbinnen de verschillende dimensies vallen. Door met uw muis over een dimensie te gaan, ziet u een korte omschrijving van de vragen die hierbij gesteld worden.

Besturen
Omgang
Hoe graag maakt de kandidaat nieuwe contacten? Hoe goed is hij/zij in het bouwen van relaties?
1. Netwerken
Is de kandidaat makkelijk of moeilijk in de omgang? Heeft de kandidaat graag mensen om zich heen?
2. Sociaal
Management
Neemt de kandidaat snel en makkelijk besluiten? Kan iemand besluiten nemen in onzekere situaties?
3. Besluitvaardig
Neemt iemand graag de leiding? In hoeverre houdt de kandidaat graag de controle over dingen?
4. Richtinggevend
Is de kandidaat een people manager? In hoeverre vindt hij/zij het prettig om collega’s verder te ontwikkelen?
5. Coachend
Invloed
Kan de kandidaat anderen makkelijk of juist moeilijk overtuigen? Vindt de kandidaat onderhandelen leuk?
6. Overtuigend
Kan de kandidaat inschatten wat de mindere punten van een plan zijn? Kijkt de kandidaat kritisch naar zaken?
7. Kritisch
Voelt de kandidaat zich snel op zijn/haar gemak in nieuwe groepen? Kan de kandidaat makkelijk voor grote groepen spreken?
8. Sociaal zelfverzekerd
Uitvoer
Aanpak
Hoe georganiseerd is de kandidaat? Houdt iemand van plannen of juist niet?
9. Planmatig
Komt de kandidaat zijn afspraken na? In hoeverre hecht hij/zij belang aan normen en waarden?
10. Integriteit
Werkt iemand in een hoog of laag tempo? Kan de kandidaat makkelijk meerdere dingen tegelijk doen?
11. Actiegericht
Energie
Hoe pro-actief is de kandidaat? Begint de kandidaat graag aan iets nieuws?
12. Zelfstartend
Hoe ambitieus is de kandidaat? Is hij of zij competitief ingesteld?
13. Carričregericht
Begint de kandidaat graag aan iets nieuws? Is hij/zij echte ondernemer?
14. Ondernemend
Resultaat
Is de kandidaat gericht op details? Werkt de kandidaat nauwkeurig?
15. Detailgericht
Zet de kandidaat door in moeilijke situaties? Is de kandidaat doelgericht?
16. Resultaatgericht
Is de kandidaat regelbewust? Werkt de kandidaat graag in een organisatie met veel bureaucratie en regels?
17. Bewust van regels
Houding
Ondersteuning
Is de kandidaat een teamspeler of werkt hij of zij juist liever zelfstandig?
18. Samenwerken
Hoe behulpzaam is de kandidaat naar collega’s toe? Besteedt de kandidaat aandacht aan het helpen van collega’s met problemen?
19. Behulpzaam
Is de kandidaat betrokken bij andere mensen? Luistert hij of zij graag naar andere mensen?
20. Attent
Veerkracht
Past de kandidaat zijn of haar standpunten aan op de standpunten van een ander? Wordt iemand als meegaand gezien?
21. Conflictmijdend
Heeft iemand veel of juist weinig zelfvertrouwen? Heeft de kandidaat veel controle over zijn of haar toekomst?
22. Zelfverzekerd
Is de kandidaat stressbestendig? Kan de persoon goed omgaan met hoge werkdruk?
23. Omgang met werkdruk
Dynamiek
Staat de kandidaat open voor de feedback van anderen? Vraagt iemand het advies van anderen?
24. Openheid voor feedback
Is de kandidaat een vrolijk persoon? Heeft de kandidaat moeite met het verwerken van tegenslagen?
25. Positief ingesteld
Accepteert de kandidaat veranderingen in zijn of haar leven? Kan iemand omgaan met onzekere tijden?
26. Gericht op verandering
Mentaal
Visie
Komt iemand makkelijk op nieuwe ideeën? Verzint de kandidaat graag nieuwe concepten?
27. Creativiteit
Is de kandidaat gericht op de onderliggende theorie?
28. Abstract
Ontwikkelt de kandidaat graag een visie voor de toekomst? Is hij of zij gericht op de lange termijn?
29. Strategisch
Denkbeeld
Komt iemand makkelijk tot de kern van een probleem? Gebruikt de kandidaat zijn intuďtie om tot een oordeel te komen?
30. Vindingrijk
In hoeverre is de kandidaat een praktijkmens? Is de persoon gericht op praktisch werk?
31. Praktijkgericht
Leert de kandidaat snel? Is de kandidaat gericht op het aanleren van nieuwe dingen of juist niet?
32. Leergierig
Analyse
Houdt de kandidaat van het analyseren van informatie? Zoekt iemand actief naar informatie?
33. Analytisch
Vindt de kandidaat het leuk om met getallen te werken? In hoeverre is de persoon gericht op objectieve feiten?
34. Rationeel